Topnavigatie

Voor professionals

Hoe verwijs ik door?

Huisartsen en specialisten kunnen doorverwijzen naar Qkoortstest.nl voor een bloedonderzoek naar besmetting met Coxiella burnetii. De Q-koorts test wordt uitgevoerd door Innatoss Laboratories te Oss, specialist op gebied van intracellulaire infectieziekten. Voor medisch professionals is hieronder additionele informatie beschikbaar gesteld om begrip over de cellulaire test en de bijbehorende uitslagen te vergroten.

 

Gebruik van Q-detect resultaat

De testresultaten kunnen worden gebruikt om te bepalen of Q-koorts is doorgemaakt. Een positief testresultaat ondersteunt de diagnose (latente) Q-koorts of QVS, een beslissing om aanvullend medisch en diagnostisch onderzoek uit te voeren, of wijst op alertheid bij het voorschrijven van immunosuppressiva. Andere medische en diagnostische onderzoeken zijn nodig om actieve besmetting te bevestigen.

Uitvoering in het kort

Voor Q-detect wordt bloed afgenomen in standaard buizen met lithium heparine. Het bloed wordt verdeeld over buisjes of een 96-wells plaat. Deze bevatten bacterie, de positieve controle PHA of medium als negatieve controle. Monsters worden binnen 12 uur bij 37 °C geplaatst. Na 24 uur wordt IFN-gamma gemeten. Er zijn twee varianten van de test: de kleinschalige L-variant, en de S-variant voor grote aantallen. Alleen de verzameling van plasma en de stimulatiestap zijn verschillend.

Beoordeling

Het testresultaat wordt als positief beschouwd als er na stimulatie met Coxiella minimaal 16 pg/ml IFN-gamma gevormd wordt en de relatieve waarde t.o.v. de positieve controle groter is dan 0,4. PHA-activatie dient als positieve controle. Een monster met een lage respons op PHA (< 40 pg/mL) kan niet beoordeeld worden wanneer het monster ook niet reageert op Coxiella. De negatieve controle dient om te corrigeren voor niet-specifieke IFN vorming.

Interpretatie van de resultaten

Voor ieder monster wordt de (gemiddelde) absolute IFN productie berekend en de Relatieve Respons t.o.v. PHA. De CoxRR wordt berekend met de formule: CoxRR = (log(cox)-log(neg))/(log(pos) – log(neg))
Q-detect™-resultaten worden geïnterpreteerd aan de hand van de volgende criteria:

Negatieve controle (NEG) > 40 pg/ml: onbeslist
Positieve controle (POS) < 40 pg/ml en CoxRR < 0,4: onbeslist
Coxiella waarde (COX) < 16 pg/ml: negatief
Coxiella waarde (COX) > 16 pg/ml en CoxRR > 0,4: (licht) positief
Coxiella waarde (COX) > 16 pg/ml en CoxRR > 0,6: (matig) positief
Coxiella waarde (COX) > 16 pg/ml en CoxRR > 0,8: (sterk) positief

Literatuur

Schoffelen T, et al. Specific interferon γ detection for the diagnosis of previous Q fever. Clin Infect Dis. 2013; 56:1742-51.
Wielders, CC. Long term follow-up of acute Q fever patients after a large epidemic. Utrecht University, 1 juli 2014.
Schoffelen T, et al. Coxiella burnetii infection (Q fever) in rheumatoid arthritis patients with and without anti-TNFα therapy. Ann Rheum Dis. 2014 Jul;73(7):1436-8.
Schoffelen T, et al. Limited humoral and cellular responses to Q fever vaccination in older adults with risk factors for chronic Q fever. J Infect. 2013 Dec;67(6):565-73.
Graves, Editorial: A New Assay: Specific Interferon-gamma Detection for the Diagnosis of Q Fever.

 

Mochten er toch nog vragen zijn, dan zijn we via Contact bereikbaar voor vragen.

 

Deel deze informatie via: Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Email this to someone